Artikelen---Citaten uit de Talmoed

 

Citaten uit de Talmoed

 

De Talmoed (mondelinge leer) is na de Tenach (Wet, Profeten en Geschriften - het "Oude Testament") het belangrijkste boek binnen het Jodendom. De Talmoed bevat de commentaren op en interpretaties van de Tenach van belangrijke rabbijnen en andere schriftgeleerden.

De Islaam wordt vaak aangevallen en verweten dat het joden haat en hen ziet als apen en varkens. Dit is een populair punt voor veel joodse en christelijke predikers, die hun standpunt baseren op het Koranvers: “En welzeker, jullie (O joden) hadden kennis van degenen onder jullie die overtraden aangaande de sabbat (d.w.z. de zaterdag). Wij zeiden tot hen: ‘Wees verachte apen.'” (Koran 2:65.)

Maar zoals zo vaak gebeurt bij aanvallen op de Islaam, zien zij dit Vers niet in de juiste context en trekken een conclusie onder het motto van: we hebben de klok horen luiden, maar weten niet waar de klepel hangt. Wat is dan de juiste context?

Het was een bestraffing van God voor het verbreken van de sabbat. De bestraffing hiervoor was de dood: “Neem de sabbat in acht, want het is voor jullie een heilige dag. Wie hem schendt, moet ter dood gebracht worden...” (Exodus 31:14.) Het Koranisch Vers (2:65) verwijst naar een joodse gemeenschap, wellicht Aylah, die door middel van bedrieglijke middelen de heiligheid van de sabbat probeerde te mijden. Maar zij bedrogen niemand behalve zichzelf, waarna God hen veranderde in apen en zwijnen die na drie dagen stierven, zonder nageslacht. Dit is de correcte betekenis en uitleg van dit Vers.

Er zijn zelfs Verzen in de Koran die aangeven dat niet alle joden slecht zijn: “En waarlijk, er zijn onder de mensen van het Boek (joden en christenen) die geloven in Allah en hetgeen tot jullie neergezonden is en in hetgeen aan hen neergezonden is, terwijl zij nederig zijn tegenover Allah. Zij kopen met de Verzen van Allah geen geringe beloning (tijdelijk werelds voordeel): zij zijn het voor wie hun beloning bij hun Heer is. Waarlijk, Allah is snel met de verrekening.” (Koran 3:199.)

Ook in de Soennah komen we talrijke voorbeelden tegen van goede en rechtvaardige behandeling van joden. Ibn ‘Abbaas (moge Allah tevreden zijn met hem) heeft verhaald dat er eens onenigheid ontstond tussen een hypocriete moslim, met de naam Bishr, en een jood. Beiden kwamen bij de profeet Mohammed (vrede zij met hem) voor een oordeel. Nadat de profeet hen beiden had aangehoord en over de zaak had nagedacht, oordeelde hij in het voordeel van de jood! Zie ook het artikel Religieuze tolerantie in de Islaam.

Dit punt dat door joodse en christelijke predikers vaak aangehaald wordt om de Islaam in diskrediet te brengen, toont in feite alleen hun vooringenomenheid en hypocrisie aan. Want waarom werd tijdens het Eerste Concilie van Nicea in 325 n.C. de datum van Pasen ook al weer vastgelegd? Juist, om de reden dat men vooral die “afschuwelijke Joden” niet wilde volgen. Christenen die vasthielden aan de joodse berekeningswijze werden quartodecimanen genoemd en met schuine ogen aangekeken.

Schokkend is vooral de Talmoed, die citaten bevat die vele malen extremer zijn dan het bovenstaande Koranvers (3:199)! En dit is zowel tegen moslims als christenen en alle niet-joden. Maar daar kraait geen haan naar. Wederom wordt er gemeten met twee maten.

Leerstelling van de Talmoed: Niet-Joden zijn niet menselijk

De Talmoed definieert specifiek allen die niet joods zijn als onmenselijke dieren, en beschouwt speciaal niet-joden als niet afstammend van Adam. Hier zijn enkele Citaten uit de Talmoed die met dit onderwerp in verband staan:

"De Joden worden mensen genoemd, maar niet-joden zijn geen mensen. Het zijn beesten." (Talmoed: Baba mezia, 114b)

"De akum (niet-jood) is als een hond. Ja, de geschriften leren ons aan de hond meer eer te betonen dan aan de niet-jood." (Ereget Raschi Erod. 22 30.)

"Zelfs hoewel God de niet-Jood schiep zijn het nog altijd dieren in menselijke gedaante. Het is niet gepast voor een Jood om te worden gediend door een dier. Daarom zal hij worden gediend door dieren in mensengedaante. " (Midrasch Talpioth, p. 255, Warsaw 1855.)

"Een zwangere niet-Jood is niet beter dan een zwanger dier." (Coschen hamischpat 405.)

"De zielen van niet-Joden komen van onzuivere geesten en worden varkens genoemd." (Jalkut Rubeni gadol 12b.)

"Hoewel de niet-Jood dezelfde lichaamsbouw heeft als de Jood, verhouden ze zich tot de Jood als een aap tot een mens." (Schene luchoth haberith, p. 250 b.)

"Als u eet met een niet-Jood, het is hetzelfde als eten met een hond. " (Tosapoth, Jebamoth 94b.)

"Als een Jood een niet-Joodse dienaar of dienstmeid heeft die sterft, moet men geen sympathie voor de Jood betonen. U behoort tegen de Jood te zeggen: "God zal 'uw verlies' vervangen, net zoals een van zijn ossen of ezels zou zijn gestorven"." (Jore dea 377, 1.)

"Geslachtsgemeenschap tussen Ongelovigen is als geslachtsgemeenschap tussen dieren." (Talmud Sanhedrin 74b.)

Met "Ongelovigen" (Engels: 'Gentiles', Hebreeuws: 'Goyim of Goijim) wordt bedoeld: niet-Joden, met name Christenen en Moslims.

"Het is toegestaan het lichaam en het leven van een Ongelovige te nemen." (Sepher ikkarim III c 25.)

"Het is de wet om iedereen te doden die de Torah ontkent. De Christenen behoren tot de ontkenners van de Torah. " (Coschen hamischpat 425 Hagah 425. 5.)

"Een ketterse Ongelovige mag u met uw eigen handen doden. " (Talmud, Abodah Zara, 4b.)

"Iedere Jood die het bloed verspilt van de goddelozen (niet-Joden), doet hetzelfde als het brengen van een offerande aan God." (Talmud: Bammidber raba c 21 & Jalkut 772.)

Hoe bereidt een Jood zich voor op zijn misdaad?

Als een Jood in de verleiding komt om kwaad te doen moet hij naar een stad gaan waar men hem niet kent en daar het kwaad doen. (Moed Kattan 17a .)

Een Jood slaan is hetzelfde als God slaan

Als een heiden (Ongelovige) een Jood slaat, moet de Ongelovige worden gedood. (Sanhedrin 58b.)

Het is in orde als men niet-Joden bedriegt

Een Jood hoeft geen Ongelovige te betalen voor het loon dat hij hem voor werk schuldig is. (Sanhedrin 57a.)

Joden hebben superieure wettelijke status

"Als een os van een Israëliet een os van een Kanaäniet verwondt is er geen aansprakelijkheid; maar als een os van een Kanaäniet een os van een Israëliet verwondt... de betaling moet geheel voldaan worden. " (Baba Kamma 37b.)

Joden mogen stelen van niet-Joden

Als een Jood een voorwerp vindt dat verloren is door een Ongelovige ("heiden") hoeft het niet te worden teruggegeven. (Baba Mezia 24a.) (Ook bevestigd in Baba Kamma 113b).

God zal niet een Jood sparen die "zijn dochter uithuwelijkt aan een oude man, of de vrouw neemt voor zijn zoontje, of een verloren artikel aan een Ongelovige teruggeeft..." (Sanhedrin 76a.)

Joden mogen niet-Joden beroven en doden

Als een Jood een Ongelovige vermoordt, zal er geen doodstraf zijn. Wat een Jood steelt van een Ongelovige, mag hij houden. (Sanhedrin 57a.)

De Ongelovigen zijn buiten de bescherming van de wet en God heeft "hun geld aan Israël ter beschikking gesteld." (Baba Kamma 37b.)

Joden mogen liegen tegen niet-Joden

Joden mogen gebruik maken van leugens ("uitvluchten") om een Ongelovige te misleiden. (Baba Kamma 113a.)

Niet-Joodse kinderen zijn sub-menselijk

Alle kinderen van Ongelovigen zijn dieren. (Yebamoth 98a.)

Ongelovigen-meisjes zijn in een staat van niddah (vuil, smerigheid) vanaf de geboorte. (Abodah Zarah 36b.)

Ongelovigen verkiezen seks met koeien. (Abodah Zarah 22a-22b.)

Beledigingen tegen de Heilige Maria

Zeg dat Maria een hoer was: "Zij, die de afstammelinge was van vorsten en regeerders, deelde het bed met timmerlieden." Ook in voetnoot no. 2 bij Shabbath 104b van de Soncino-uitgave, wordt gesteld dat in de "ongecensureerde" tekst van de Talmoed geschreven staat dat de moeder van Jezus, "Miriam de kapster," seks bedreef met vele mannen. (Sanhedrin 106a.)

Gruwelijke godslastering jegens Jezus Christus

Zeg dat Jezus werd gekookt in "hete uitwerpselen." (Gittin 57a.)

Jezus verdiende terechtstelling: "Op de vooravond van het (Joodse) paasfeest, werd Yeshu (Jezus) opgehangen... Vermoed je dat hij iemand was die zou worden verdedigd? Was hij niet een Mesith (verleider)?" (Sanhedrin 43a.)

Talmoed valt niet-Joodse geloofsvormen aan

Christenen (minnim) en anderen die de Talmoed afwijzen, zullen naar de hel gaan en zullen daar gestraft worden voor alle generaties. (Rosh Hashanah 17a.)

Joden moeten de boeken van de Christenen vernietigen, d.w.z. het Nieuwe Testament. (Shabbath 116a.)

Dr. Israel Shahak van de Hebreeuwse Universiteit meldt dat de Israëliërs honderden Nieuwe Testament Bijbels verbrandden in bezet Palestina op 23 maart 1980 (zie Jewish History, Jewish Religion, pag. 21).

Ziekelijke en krankzinnige leerstellingen van de Talmoed

Stel dat Adam geslachtsgemeenschap had met alle dieren in de Tuin van Eden. (Yebamoth 63a.)

Verklaar dat landbouw de laagste is van alle bezigheden. (Yebamoth 63a.)

Een Jood mag een drie jaar oud meisje trouwen (specifiek, drie jaar "en een dag" oud). (Sanhedrin 55b.)

Een Jood mag seks hebben met een kind, zolang als het kind jonger is dan negen jaar oud. (Sanhedrin 54b.)

"Als een volwassen man geslachtsgemeenschap heeft met een klein meisje, is het niets." (Kethuboth 11b.)

Stel dat er geen hoer in de wereld is waar de Talmoed-geleerde Rabbi Eleazar geen seks mee heeft gehad. (Abodah Zarah 17a.)

Stel dat geen rabbijn ooit naar de hel kan gaan. (Hagigah 27a.)

Een rabbijn debatteert met God en verslaat Hem. God geeft toe dat de rabbijn het debat won. (Baba Mezia 59b.)

Een Joodse man is verplicht om elke dag het volgende gebed te zeggen: Dank u, God, dat gij mij geen Ongelovige hebt gemaakt, een vrouw of een slaaf. (Menahoth 43b-44a.)

Leugens van een Romeinse Holocaust

Hier zijn twee "Holocaust" verhalen uit de Talmoed:

Gittin 57b beweert dat vier miljard Joden gedood werden door de Romeinen in de stad Bethar.

Gittin 58a beweert dat 16 miljoen Joodse kinderen in (boek)rollen werden gewikkeld en levend verbrand werden door de Romeinen.

Oude demografie wijst uit dat zelfs in de gehele wereld er geen 16 miljoen Joden waren in die tijd, laat staan 16 miljoen Joodse kinderen of vier miljard Joden... dit hint naar de leugenachtigheid van de moderne Joden van deze tijd waardoor de 6 miljoen Joden die door de Nazi's gedood zijn betwijfeld kan worden.

De Talmoed pleit voor volkenmoord

Kleine Traktaten. Soferim 15, Regel 10. Dit is het gezegde van Rabbi Simon ben Yohai: Tob shebe goyyim harog ("Zelfs de besten van de Ongelovigen moeten allemaal worden gedood").

Deze passage is uit het originele Hebreeuws van de Babylonische Talmoed zoals geciteerd door de Jewish Encyclopedia , van 1907, uitgegeven door Funk en Wagnalls, en samengevat door Isidore Singer, onder de aantekening "Ongelovige," (p. 617).

Deze originele Talmoed passage is verborgen in de vertaling. De Joodse Encyclopedie stelt dat, "...in de verschillende versies de lezing is veranderd, 'De besten onder de Egyptenaren' wordt over het algemeen vervangen." In de Soncino versie: "de besten van de heidenen" (Kleine Traktaten, Soferim 41a-b].

Israëliërs nemen jaarlijks deel aan een nationale pelgrimstocht naar het graf van Simon ben Yohai, om deze rabbijn te eren die gepleit heeft voor de uitroeiing van niet-Joden. (Joodse Pers, 9 juni 1989, pag. 56B).

Op Poerim, 25 febr. 1954, heeft de Israëlische legerofficier Baruch Goldstein 40 Palestijnse burgers afgeslacht, inclusief kinderen, terwijl ze in gebed neergeknield zaten in een moskee. Goldstein was een discipel van wijlen Rabbi Meir Kahane uit Brooklyn, die CBS-News vertelde dat zijn leerstelling dat Arabieren "honden" zijn, is afgeleid "van de Talmoed" (CBS 60 Minutes, "Kahane"). Er is in Israël een cultus rond Goldstein wiens graf jaarlijks als een pelgrimsoord duizenden bezoekers telt.

Prof. Ehud Sprinzak van de Universiteit van Jeruzalem beschreef Kahane en Goldstein's filosofie: "Ze geloven dan het Gods wil is dat ze geweld plegen tegen goyim , een Hebreeuwse term voor niet-Joden." (NY Daily News, Feb. 26, 1994, p. 5).

Rabbi Yitzhak Ginsburg verklaarde: "Wij moeten erkennen dat Joods bloed en het bloed van een goy niet hetzelfde zijn." (New York Times, 6 juni 1989, pag. 5).

Rabbi Yaacov Perrin zei: "Een miljoen Arabieren zijn minder waard dan een vingernagel van een Jood." (New York Daily News, 28 februari 1994, pag. 6).

Moses Maimonides: Voorspreker van Uitroeiing

"Moses Maimonides wordt beschouwd als de belangrijkste die de Joodse leer in een systeem onderbracht, en grootste filosoof in de Joodse geschiedenis. Hij wordt vaak liefkozend aangeduid als de Rambam, naar de initialen van zijn naam en titel, Rabenu Moshe Ben Maimon, "Onze Rabbi, Mozes' zoon van Maimon." [Maimonides' Grondbeginselen, uitgegeven door Aryeh Kaplan, Vereniging van Orthodoxe Joodse Congregaties van Amerika, pag. 3].

Hier is wat (Rambam) onderwees betreffende het redden van mensenlevens, speciaal betreffende het redden van levens van Ongelovigen en Christenen, of zelfs Joden die het waagden de "goddelijke inspiratie" van de Talmud af te wijzen:

Maimonides, Mishnah Torah, (Moznaim Uitgeversmaatschappij, Brooklyn, New York, 1990, Hoofdstuk 10, Engelse vertaling), pag. 184: "Dienovereenkomstig, als we zien dat een afgodendienaar (Ongelovige) wordt meegesleurd of verdrinkt in de rivier, moeten we hem niet helpen. Als wij zien dat zijn leven in gevaar is, moeten we hem niet redden." De Hebreeuwse tekst van de Feldheim 1981-uitgave van de Mishnah Torah stelt dat dit goed is.

Onmiddellijk na Maimonides' vermaning dat het een plicht is voor Joden niet een Ongelovige te redden die verdrinkt of om het leven komt, hij informeert ons over de Talmoedische plicht van Joden tegenover Goyim (Ongelovigen), en ook tegenover Joden die de Talmoed afwijzen. Maimonides, Mishnah Torah, (Hoofdstuk 10), p. 184:

"Het is een mitzvah [religieuze plicht], echter, om Joodse verraders minnim en apikorsim uit te roeien, en hen te laten afdalen in de put van vernietiging, daar zij moeilijkheden veroorzaken voor Joden en de mensen van God wegslingeren, zoals Jezus van Nazareth en zijn leerlingen, en Tzadok, Baithos, en hun leerlingen. Moge de namen van de verdorvenen rotten."

Maimonides zegt ook, dat niet Joden slechts zo lang getolereerd zullen worden zo lang deze meer macht hebben: "Wanneer de Joden meer macht krijgen, zal het verboden zijn om de aanbidders van afgoden onder ons te hebben.”

Maimonides zegt onder andere dat alle niet Joodse volkeren (naties) "die niet onder onze jurisdictie vallen (tahaht yadeinu) een doel zullen zijn voor Joodse heilige oorlog. bron: Cf. Hilkhot Melakhim 8:9-10; 10:11. En cf. Gerald J. Blidstein, 'Holy War in Maimonidean Law', in Perspectives on Maimonides (Oxford, England: Oxford Univ. Press, 1991)

Waarom al deze gruwelijke uitspraken?

Al deze uitspraken zijn min of meer gebaseerd op de hoogmoed en racistische arrogantie van de joden, die zich beter voelden (voelen) dan de rest: “Daarom dus, broeders en zusters, zijn wij geen kinderen van de slavin, maar van de vrijgeboren vrouw.” (OT, Galaten 4:31.)

Een ander vers waar zij hun racistische hooghartigheid op baseren is: “Maar God zei tegen hem: ‘Je hoeft je niet bezwaard te voelen vanwege de jongen of je slavin. Alles wat Sara je vraagt moet je doen, want alleen de nakomelingen van Isaak zullen gelden als jouw nageslacht.” (OT, Genesis 21:12.)

De nakomelingen van Isaak (vrede zij met hem) worden beschouwd als Joden, de rest niet.

O.a. door de hierboven aangehaalde Bijbelteksten voelden (voelen) zij zich beter dan anderen - het uitverkoren volk - en dachten dat zij veilig waren louter omdat zij ‘kinderen van Abraham' waren. In feite waren zij ook het uitverkoren volk: VAN DIE TIJD! Maar nadat zij zich schandelijk gedroegen, werden zij vervloekt door God. Zie het artikel Waarom de Joden vervloekt werden. Maar joden bleven zich superieur voelen. Dit was dan ook de reden waarom zij de profeet Mohammed (vrede zij met hem) niet accepteerden. Hij kwam immers van de minderwaardige Arabieren, nakomelingen van Ismaël (vrede zij met hem), zoon van de slavin Hagar. Maar profeten zoals Johannes, Jezus en Mohammed (Allah's zegeningen en vrede zijn met hen) kwamen om deze verkeerde overtuiging van de joden te corrigeren: “Toen hij (de profeet Yah'yaa – Johannes, vrede zij met hem) zag dat veel farizeeën (een joodse sekte die in het latere spraakgebruik synoniem met schijnheilig zijn geworden) en sadduceeën [een andere joodse sekte die niet geloofden in o.a. de Opstanding, engelen en geesten (djinn)] op zijn doop afkwamen, zei hij tegen hen: ‘Addergebroed, wie heeft jullie wijsgemaakt dat je veilig bent voor het komende oordeel? Breng liever vruchten voort die een nieuw leven waardig zijn, en denk niet dat je bij jezelf kunt zeggen: Wij hebben Abraham als vader. Want ik zeg jullie: God kan uit deze stenen kinderen van Abraham verwekken! De bijl ligt al aan de wortel van de boom: iedere boom die geen goede vrucht draagt (goede daden gebaseerd op een correcte geloofsleer), wordt omgehakt en in het vuur (de Hel) geworpen.” (NT, Matteüs 3:7-10.)

In de Koran lezen we hierover: “En zij (de joden) zeiden: ‘Het Vuur (van de Hel) zal ons niet aanraken behalve een bepaald aantal dagen.' Zeg (O Moh'ammed): ‘Zijn jullie (wat dat betreft) een verbond aangegaan met Allah? Dan zal Allah Zijn verbond niet verbreken. Of zeggen jullie over Allah wat jullie niet weten?'” (Koran 2:80.)

De joden kunnen door hun arrogantie zeggen: “Wat de verschrikking van de Hel ook is voor andere mensen, onze zonden zullen vergeven worden, want wij zijn de kinderen van Abraham; in het ergste geval zullen wij slechts een korte straf ondergaan en vervolgens teruggebracht worden aan de ‘boezem van Abraham'.” Deze luchtbel wordt dus in o.a. het Koranisch Vers 2:80 en het Bijbelvers Matteüs 3:7-10 doorgeprikt!

Deze arrogantie van de joden was ook mede de oorzaak dat zij hun heilige geschriften veranderden. Zie De Izaak-Ismaël kwestie voor een voorbeeld.

 
naar boven